I

n deze columnserie schrijft Salwa Zaher over de reis van Syrië naar Nederland. Met haar ervaringen wil zij Nederlanders laten zien welke dilemma’s ze tegenkomt als statushouder, vrouw, moeder van twee kinderen en Syrische journalist in Nederland. In haar achtste column beschrijft ze hoe moeilijk het is om zich uit te drukken in een nieuwe taal.

Turend naar de horizon op zoek naar land zat ik op de vluchtelingendoodboot, ronddobberend op de Middellandse Zee. Op het dak van de boot steeg in mijn hoofd de alomvattende vraag op: hoe kan ik weer met deze wereld communiceren?

De woedende zee had niet alleen mijn spullen verslonden maar ook mijn herinneringen, identiteit, dromen, mijn geschiedenis en mijn taal. Op het dak van de doodboot sprak ik nauwelijks met de anderen, want ik was ontzettend zeeziek. Woorden waren zinloos omdat alle discussies gingen over hoe wij konden overleven of hoe we ten onder zouden gaan. Welke dood is het beste? Op het land of verdrinken in de zee? Ik had mijn eigen strategie en besloot te zwijgen. Daarnaast hield mijn brein zich bezig met het registeren van de beelden, plaatsen en alle gebeurtenissen van mijn vlucht. Ik had geen papier of pen nodig, omdat mijn geheugen hun taak volledig overnam. In Italië was ik helemaal gestopt Arabisch te spreken, want het werd daar niet begrepen.

Een nieuw land, een nieuwe taal, een nieuw bestaan

Inmiddels spreek ik drie talen: Arabisch, Engels en Nederlands. Toch blijft de Arabische taal mijn thuis. Het zit in mijn genen en in mijn brein. Het vormt mijn gedachten en cultuur. Met deze taal heb ik de wereld gezien, mijn kinderen opgevoed, jaren gewerkt en schreef ik als journalist artikelen voor de krant. Nu moet ik in een ander land acclimatiseren en een ander beroep leren om mijn nieuwe ‘zijn’ te ontdekken.

Wie ben ik zonder taal?

Het leren van taal is belangrijk voor mij; zonder taal wordt mijn ‘zijn’ ernstig bedreigd. De Duitse filosoof Martin Heidegger beschrijft in zijn boek “Het zijn en tijd” hoe de taal de wereld voor ons opent. Het geeft ons de mogelijkheid om in de buurt van een leven zonder einde te komen en ons in het heden te richten op wat er bestaat. Alles wat bestaat kan alleen in de “tempel van de taal” zijn. In deze tempel bevindt de mens zich altijd. “De taal is het huis van het bestaan”. In mijn geval ben ik door de situatie in Syrië mijn veilige tempel verloren. Ik moest op zoek naar een andere tempel.

Meneer Trombose

Op dit moment ga ik naar school om een ander beroep te leren, en daarom loop ik stage bij een verzorgingshuis in Haarlem. Werken in de verpleging is compleet nieuw voor mij. Ik merk dat ik me niet op mijn gemak voel op mijn stageplek vanwege mijn taal. Mijn begeleider voelt mij niet goed aan. Eigenlijk voel ik mij door haar gekleineerd en beperkt. Ik durf niet eens een vraag te stellen, want dan krijg ik van haar een reactie waar ik van schrik. Mijn begeleider geeft aan dat ze het antwoord al duizend keer heeft verteld, terwijl het naar mijn weten de eerste keer is.

Eén keer vroeg zij mij om de telefoon op te nemen. Het liefst vermijd ik dat, omdat ik bang ben om te praten. Toch moest ik deze keer opnemen en ik hoorde de stem van de receptionist. Ze gaf me een bericht door en voegde daaraan toe: ‘Dit is belangrijk’. Ik begreep alleen niet wat zij zei, maar ik gaf het volgende door aan mijn collega: ‘Meneer Trombose is bij de receptie voor mevrouw Meijer’. Mijn collega begreep het niet en belde terug naar de receptie. Zij hoorde dat het om onderzoeksresultaten uit het laboratorium ging. Ik werd direct naar de receptie gestuurd om de resultaten op te halen. Ik voelde mij belachelijk en stom, maar ik keek wel wat er op de papieren stond. Daaruit begreep ik dat trombose een ziekte is.

Dit is een voorbeeld van hoe moeilijk het is om een studie te volgen in een taal die ik nog niet helemaal beheers. Ik ben gemotiveerd, maar mijn taal is eigenlijk niet goed genoeg. In vergelijking met Nederlandse studenten heb ik een achterstand. Soms voel ik me onveilig, omdat er misverstanden ontstaan vanwege de taal. Als ik een verkeerd antwoord aan mijn begeleider geef wordt zij boos op mij, omdat zij denkt dat ik niet goed luister. Nu durf ik niet meer met haar te praten omdat ik me ongemakkelijk voel. Het blijft moeilijk om een nieuwe studie te volgen in een nieuwe taal. En het blijft moeilijk om mijn nieuwe zijn te ontdekken in een nieuw land.

Mijn hart klopt nog, mijn longen functioneren goed, maar mijn gedachten zijn volledig gericht op het Nederlands. Mijn hersenen zitten gevangen in het nieuwe ‘zijn’. Woorden ondersteunen mij om vooruit te gaan en de taal goed te leren om uiteindelijk de sleutel van een nieuwe tempel te vinden.

Een tempel in Nederland.

Foto: Pixabay

Laat een reactie achter

Laat een opmerking achter
Vul je naam in