I

n deze serie vertelt Saeed Al-Gariri over zijn ervaringen als vluchteling in Nederland. Reflecties vol humor en poëzie, waarin hij de balans probeert terug te vinden in zijn nieuwe leven.

Op een gezellig terrasje in Venray zaten er allerlei groepjes mensen. Ze praatten en lachten met elkaar. Er liepen veel mensen langs het terras. Terwijl het leven doorging bleef ik hier alleen, zei ik tegen mezelf (en ik dacht dat ik een diepe zucht had gehoord). Glimlachend kwam de serveerster. Ik bestelde zoals gewoonlijk een kopje cappuccino. De gezelligheid was een soort psychologische infectie. Dus ik glimlachte.

Ik herinnerde me hoe ik een tijd geleden in een gevaarlijke situatie verkeerde. De afgelopen maanden was ik één van de politieke leiders van de demonstraties in Hadhramaut. 20 december 2013 was de eerste dag van de volksopstand (Intifada) tegen de macht. Het was op een vrijdag.

Duizenden demonstranten liepen over de pleinen en straten. Ons plan was vreedzaam. Het laatste gedeelte was de wandeling naar het politiebureau in Mukalla Stad, waar ik op een open auto stond, om duizenden demonstranten toe te spreken. De vlag van de Intifada wapperde boven het politiebureau en de demonstranten keurden de macht af. Weg ermee, omverwerpen, zeiden de leuzen.

Op die dag was een jonge student van de universiteit één van de slachtoffers van verraderlijke kogels. Hij zat in het laatste jaar van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid. Hij droomde van een land dat bestuurd werd door een overheid die de wet respecteert, de grondwet en het burgerrecht, in plaats van door de huidige dictator.

Vol van herinneringen verliet ik bedroefd het terrasje.

Stappen met Shams-i-Tabrīzī1

Op de weg tussen Venray en het AZC was ik verdrietig. Ik probeerde mijn verdriet te verzachten met een droevig liedje van Etheric Messages, ‘Mijn weg naar God’. De geciteerde tekst is van Shams-i-Tabrizi.

Shams-i-Tabrizi was een van de hoofdpersonen in de roman van Elif Shafak2: ‘Liefde kent veertig regels’. Het is het laatste boek dat ik heb gelezen, voordat ik in Nederland aankwam. Ik hield heel erg van het karakter van Tabrizi. Tijdens een uitje belandde ik in diep verdriet, samen met hem. Met poëzie wandelden we samen.

Al-Shanfari zegt tegen Tabrizi:
Ik ontmoet je op elke weg
Tussen ons is altijd wijn, ritme en stap
Hoe werden jouw stappen mooie liedjes?
Hoe gaf het universum ons zijn muziek?
Hoe vlogen we dan naar de top?

We lopen op het ritme van de wolken
Ik ren je melodie achterna
net zoals een kindje, dat zijn moeder in een menigte zoekt
De weg met jou is als een liedje
maar ze wachten op water en vuur
En dit is onze weg

Je zong je veertigste liedje
Het liedje is een weg naar de ontdekking
naar een feestje van wolken en vuur

Jij rent nu mijn melodie achterna
net zoals een kindje dat zijn moeder in een menigte zoekt
We vliegen samen, zoals twee kinderen naar de top

Oh Shams, we zijn nu op een weg naar Venray
Hoor je het ritme van de duivenstappen?
Zie je de mensen die op de rivier van het ritme lopen?

Val in slaap, oh kindje
Dit is een momentje voor een lekkere roes
we stappen samen naar de liefdeswereld
stapje voor stapje

Met elk stapje zie ik je
als een wolkje, liefde, fluitje en in trance

Heimwee

Ik weet niet waarom, maar vannacht gaat het niet goed. Ik kan niet goed slapen. Het is nu middernacht. Ik heb geen zin om te lezen of schrijven. Alle mensen in het AZC slapen. Buiten slaapt de regen niet. Douchen? Misschien. Ik neem een douche. Ik voel me een beetje beter, maar nog niet echt goed. Kopje koffie? Nee! Ik wil liever thee. Proberen om te slapen? Dat lukt niet.

Ik kijk naar de muur, het raam, de deur. Daarna moet ik in slaap zijn gevallen. In een prachtige droom zie ik een liedje van Marcel Khalife3, dat tot mij kwam als gefluister.

De mooiste moeders:
Ik snak naar mijn moeders brood
en mijn moeders koffie

Het is een verdrietig liedje, maar heel mooi. Ik hou van Mahmoud Darwish4, de dichter van de tekst van het liedje. De zang maakt me verdrietig, maar rustiger. In de droom schreef ik met een kopje thee naast me een brief naar mijn moeder, zoals een kind zou doen. Een tekst die al een paar weken in mijn hart leefde.

Het is de eerste nacht zonder jou
Alles is er donker en zwaar
de lampen,
de muren,
de ramen,
de deuren,
Alles is er donker en zwaar

Ik ben nu alleen in mijn slaapkamer
Ik wacht op jou
Waar ben jij?
Ik kan niet slapen
Waar ben jij?
Waar?

Het is de eerste ochtend zonder jou
Waar ben jij?
Ben jij in de keuken?
Zullen we samen ontbijten?

Mam, mam!
Mam, mam!

Er is niemand
Wat erg!
Niets behalve een griezelig zwijgen rond het huis
Waarom?!
Ik mis je erg
Wanneer kom je terug?
Wanneer?
Wanneer?


Noten:
1- Shams-i-Tabrīzī (1185-1248) was een Soefimoslim. Men schrijft hem toe dat hij de spirituele leraar was van Jalāl ad-Dīn Rumi. Het graf van Shams-i- Tabrīzī is onlangs genomineerd als UNESCO-werelderfgoed (Wikipedia).
2- Elif Shafak is een schrijfster van Turkse afkomst. In haar boeken stelt ze godsdienstwaanzin en xenofobie aan de kaak. Ze heeft bijzondere belangstelling voor feminisme en soefisme. (Wikipedia).
3- Marcel Khalife (1950 -) is een Libanese componist, zanger en beroemd over de hele wereld. In 2005 werd Khalife uitgeroepen tot UNESCO-kunstenaar voor vrede en geluk. (Wikipedia).
4- Mahmoud Darwish (13 maart 1941 – 9 augustus 2008) was een Palestijnse dichter en schrijver die werd beschouwd als de Palestijnse nationale dichter. (Wikipedia).

Fotografie © Rob Godfried

Laat een reactie achter

Laat een opmerking achter
Vul je naam in